16 Bijkomende vergoeding arbeidsongeschiktheid

Paritair (sub-)Comité nr.:
322.00.00-00.00

Bijwerking: 08/11/2001
Geldig vanaf: 01/07/2001
Geldig tot: 31/12/2001

In het Paritair Comité voor de uitzendarbeid werd op 6 juni 2001 een collectieve arbeidsovereenkomst gesloten betreffende een bijkomende vergoeding in geval van arbeidsongeschiktheid na een arbeidsovereenkomst voor uitzendarbeid. Deze collectieve arbeidsovereenkomst werd neergelegd op 28 juni 2001 op de Griffie van de Dienst der collectieve arbeidsbetrekkingen en geregistreerd op 13 augustus 2001 onder het nummer  58537/CO/322. Deze collectieve arbeidsovereenkomst werd algemeen verbindend verklaard door een Koninklijk Besluit van 25 april 2002 en gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad van 10 juli 2002.

 

Deze collectieve arbeidsovereenkomst treedt in werking op 1 juli 2001 en verstrijkt op 31 december 2001.

 

Wij geven u hierna de integrale tekst van deze CAO.

Tekst van de CAO

Artikel 1

Deze collectieve arbeidsovereenkomst is van toepassing op:

a)  de uitzendbureaus, bedoeld bij artikel 7, 1° van de wet van 24 juli 1987 betreffende de tijdelijke arbeid, de uitzendarbeid en het ter beschikking stellen van werknemers ten behoeve van gebruikers, verder genoemd "de werkgever";

b)  de uitzendkrachten, bedoeld bij artikel 7, 3° van voornoemde wet van 24 juli 1987, die door deze uitzendbureaus worden tewerkgesteld, verder genoemd "de werknemer".

Artikel 2

Wanneer een arbeidsongeschiktheid als gevolg van een ziekte of een ongeval van gemeen recht een aanvang neemt na het einde van de arbeidsovereenkomst voor uitzendarbeid en uiterlijk op de eerste werkdag na het einde van deze arbeidsovereenkomst, heeft de werknemer ten laste van de laatste werkgever recht op een bijkomende vergoeding, bovenop de uitkering betaald door het ziekenfonds.

Artikel 3

Voor de werknemer-arbeider is de vergoeding, bedoeld in artikel 2, gelijk aan 25,88 % van het gedeelte van het normale loon dat het plafond waarmee rekening wordt gehouden bij de berekening van de uitkeringen inzake ziekte- en invaliditeitsverzekering niet overschrijdt, en aan 85,88 % van het gedeelte van het normale loon dat dit plafond overschrijdt.

Voor de werknemer-bediende zijn deze percentages gelijk aan respectievelijk 26,93 % en 86,93 %.

Het normale loon wordt berekend overeenkomstig artikel 56, 2de alinea van de wet van 3 juli 1978 betreffende de arbeidsovereenkomsten.

Artikel 4

Deze vergoeding is verschuldigd voor elke werkdag die niet werd gepresteerd als gevolg van de arbeidsongeschiktheid, met een maximum van 5 of 6 dagen, naargelang de werknemer in het 5- of 6-dagenstelsel tewerkgesteld was.

Artikel 5

De vergoeding, bedoeld bij artikel 2, is enkel door de werkgever verschuldigd indien de werknemer:

a)  op het ogenblik waarop de arbeidsongeschiktheid een aanvang neemt, 65 dagen gewerkt heeft bij het uitzendbureau en bij de klant-gebruiker, en dit, overeenkomstig artikel 13 van de wet van 24 juli 1987 betreffende de tijdelijke arbeid, de uitzendarbeid en het ter beschikking stellen van werknemers ten behoeve van gebruikers;

b)  uiterlijk de tweede werkdag na het einde van de arbeidsovereenkomst voor uitzendarbeid het bewijs van de arbeidsongeschiktheid levert.

Artikel 6

De vergoeding, bedoeld in artikel 2, is niet verschuldigd aan de werknemer indien de werkgever het bewijs levert dat de werknemer, ook zonder enige vorm van arbeidsongeschiktheid, gedurende de periode bedoeld bij artikel 4 van deze collectieve arbeidsovereenkomst, geenszins voor rekening van de werkgever bij de klant-gebruiker zou gewerkt hebben.

Het bewijs, waarvan sprake in de vorige alinea, kan door alle rechtsmiddelen worden aangebracht.

Artikel 7

De vergoeding, bedoeld bij artikel 2, is niet verschuldigd aan de werknemer indien de arbeidsongeschiktheid aanvangt tijdens de arbeidsovereenkomst voor uitzendarbeid, noch in geval van moederschapsverlof.

Artikel 8

Deze collectieve arbeidsovereenkomst  treedt in werking op 1 juli 2001. Zij wordt gesloten voor een bepaalde duur  en verstrijkt op 31 december 2001.

Zij kan, mits een opzeggingstermijn van 3 maanden wordt in acht genomen, door elk van de partijen worden opgezegd met een aangetekend schrijven gericht aan de Voorzitter van het Paritair Comité voor de Uitzendarbeid.

 


Historiek
01/01/2020 31/12/2021 16 Bijkomende vergoeding arbeidsongeschiktheid
01/01/2018 31/12/2018 16 Bijkomende vergoeding arbeidsongeschiktheid
01/07/2017 31/12/2017 16 Bijkomende vergoeding arbeidsongeschiktheid
01/07/2015 30/06/2017 16 Bijkomende vergoeding arbeidsongeschiktheid
01/07/2013 30/06/2015 16 Bijkomende vergoeding arbeidsongeschiktheid
01/01/2011 30/06/2013 16 Bijkomende vergoeding arbeidsongeschiktheid
01/01/2010 31/12/2010 16 Bijkomende vergoeding arbeidsongeschiktheid
01/01/2009 31/12/2009 16 Bijkomende vergoeding arbeidsongeschiktheid
01/01/2007 31/12/2008 16 Bijkomende vergoeding arbeidsongeschiktheid
01/01/2005 31/12/2006 16 Bijkomende vergoeding arbeidsongeschiktheid
01/01/2003 31/12/2004 16 Bijkomende vergoeding arbeidsongeschiktheid
01/01/2002 31/12/2002 16 Bijkomende vergoeding arbeidsongeschiktheid
01/07/2001 31/12/2001 16 Bijkomende vergoeding arbeidsongeschiktheid
01/07/1999 30/06/2001 16 Bijkomende vergoeding arbeidsongeschiktheid