Coronavirus: maatregelen inzake aanvullende pensioenen (UPDATE)

Van 

De schorsing van de arbeidsovereenkomst wegens tijdelijke werkloosheid heeft in de meeste gevallen een negatieve invloed op de opbouw van rechten inzake aanvullend pensioen. Bij wet werden steunmaatregelen genomen voor de aangeslotenen.


De huidige coronacrisis  heeft ook een impact op het behoud van de pensioenopbouw en op de overlijdensdekking van de werknemers in het kader van hun aanvullende pensioentoezegging en op de risicodekkingen inzake arbeidsongeschiktheid, invaliditeit en gezondheidszorg. Deze toezeggingen gebeuren op het niveau van de werkgever of de sector (= organisator).

Update: de maatregelen zijn tot 31 maart 2021 verlengd.

1. Aanvullende pensioenen en tijdelijke werkloosheid: principe

Bij veel pensioenplannen worden maar pensioenrechten opgebouwd voor de periodes waarin de werknemer effectief werkt en bijgevolg loon ontvangt.

Wanneer de uitvoering van de arbeidsovereenkomst wordt geschorst, bijvoorbeeld wegens tijdelijke werkloosheid, wordt er geen loon meer uitbetaald en worden in principe ook de bijdragen voor de opbouw van het aanvullend pensioen stopgezet. Vaak valt ook de overlijdensdekking weg tijdens periodes van inactiviteit.

2. Aanvullende pensioenen en tijdelijke werkloosheid: afwijking van het principe ingevolge de coronacrisis

Zelfs als het pensioenreglement hierin niet voorziet, bepaalt een nieuwe wet dat de werkgever (of de organisator) verplicht is de premiestorting voor de opbouw van een aanvullend pensioen voor te zetten, alsook de collectieve dekkingen voor overlijden, gezondheidszorg, arbeidsongeschiktheid en/of invaliditeit voor alle werknemers die tijdelijk werkloos gesteld zijn ingevolge het coronavirus. 

De premies verschuldigd voor de periode waarin de werknemers tijdelijk werkloos zijn gesteld ingevolge de coronacrisis, worden berekend alsof de arbeidsovereenkomst niet is geschorst.

Toch zijn er twee versoepelingen voor de werkgever (of de organisator).

2.1. Betalingsuitstel

De werkgever kan uitstel van betaling van de bijdragen vragen, uiterlijk tot 31 maart 2021, zonder extra kosten en zonder dat de verzekeringsmaatschappij een andere datum kan weigeren of opleggen.

Het uitstel van betaling van de bijdragen geldt zowel voor de werkgeversbijdragen als voor de persoonlijke bijdragen.

Dit uitstel moet door de werkgever worden aangevraagd.

2.2. Weigering om de maatregel toe te passen maar …

De werkgever kan weigeren om deze bijzondere maatregelen in het kader van de coronacrisis toe te passen. In dat geval worden het pensioenplan en de dekkingen inzake gezondheidszorg, arbeidsongeschiktheid en/of invaliditeit ondanks alles alsnog geschorst.  

De werkgever moet zijn beslissing aan de verzekeringsmaatschappij meedelen.

Opgelet: zelfs in dat geval blijft de dekking overlijden behouden tot 31 maart 2021.

3. Te volgen procedure

3.1. Voor het betalingsuitstel

De werkgever (of de organisator) die van het betalingsuitstel wenst te maken, moet de verzekeringsmaatschappij hiervan verwittigen en alle nuttige informatie betreffende de aangeslotenen die ingevolge coronacrisis tijdelijk werkloos zijn aan de verzekeringsmaatschappij meedelen.

Er is geen termijn bepaald maar de verzekeringsmaatschappij kan in het kader van haar eigen communicatie een termijn voorzien.

3.2. Voor de schorsing van de dekkingen (behalve dekking overlijden)

De werkgever (of de organisator) die van deze mogelijkheid gebruik wenst te maken, moet zijn beslissing aan de verzekeringsmaatschappij meedelen binnen 30 dagen na ontvangst van de communicatie die door deze maatschappij moet worden gedaan (zie punt 4.1. hierna).

4. Communicatie en informatie

4.1. Door de verzekeringsmaatschappij

De verzekeraar informeert de werkgever op een duidelijke en begrijpbare manier: 

  • over de gevolgen van tijdelijke werkloosheid wegens overmacht of wegens economische redenen op het behoud van de pensioenopbouw en van de risicodekkingen;
  • over de voortzetting van de pensioenopbouw en van de risicodekkingen;
  • over de mogelijkheid om uitstel van betaling van de bijdragen te krijgen;
  • over de mogelijkheid voor de inrichter om, in het kader van een sociaal pensioenstelsel, te beslissen dat de voortzetting van de pensioenopbouw een solidariteitsprestatie vormt;
  • over de mogelijkheid voor de werkgever (of voor de rechtspersoon op sectorniveau) om te vragen de toezegging zoals die aan de vooravond van de aanvang van de tijdelijke werkloosheid bestond, te schorsen, met uitzondering van de overlijdensdekking; die moet ten minste worden behouden tot en met 31 maart 2021 zoals ze bestond aan de vooravond van de periode van tijdelijke werkloosheid wegens overmacht of wegens economische redenen in het kader van de coronacrisis;
  • over de verplichting van de werkgever (of van de rechtspersoon op sectorniveau) om de aangeslotenen in te lichten.

4.2. Door de werkgever (of de organisator)

De werkgever (of de organisator) informeert, via ieder communicatiemiddel van zijn keuze (ook e-mail), de betrokken aangeslotenen over het al dan niet behouden van de pensioenopbouw en van de risicodekkingen en, desgevallend, over de concrete gevolgen van dat behoud op de persoonlijke bijdragen van de werknemer, met inbegrip van de modaliteiten van de inhouding op het loon van de werknemer en de eventuele spreiding van die inhoudingen.

5. Wijziging van het pensioenplan

De voortzetting van de pensioenopbouw en van de risicodekkingen alsook het uitstel van betaling van de bijdragen maken integraal deel uit van de pensioentoezegging en houden geen wijziging in van de pensioentoezegging of in voorkomend geval van de solidariteitstoezegging die eraan is verbonden.

De formele aanpassing van het pensioenreglement of in voorkomend geval van het solidariteitsreglement dat ermee is verbonden of de pensioenovereenkomst moet echter plaatsvinden tegen ten laatste 31 december 2021.

De verzekeringsmaatschappijen zullen u informeren (of informeerde u reeds) over de concrete gevolgen van de coronacrisis op het aanvullend pensioen en/of de andere dekkingen.

6. Informaties (Update)

De verzekeringsmaatschappij brengt de werkgever (of de organisator) die, op 30 september 2020, de toezegging niet hebben geschorst, op duidelijke en begrijpelijke wijze op de hoogte van de mogelijkheid van schorsing en van de verplichting van die er gebruik van zou maken, om de betrokken aangeslotenen te informeren.

De werkgever (of de organisator) die, ondanks een of meer situaties van tijdelijke werkloosheid wegens overmacht of wegens economische redenen in het kader van de crisis van het coronavirus COVID-19 voor 30 september 2020, geen gebruik heeft gemaakt voor 30 september 2020 van de mogelijkheid tot schorsing, beschikt over een nieuwe termijn van 30 dagen na de ontvangst van de mededeling van de verzekeringsmaatschappij om deze instelling op de hoogte te brengen van zijn eventuele beslissing tot schorsing van de toezegging zoals die resulteert uit het pensioenreglement, uit de pensioenovereenkomst, uit het reglement of uit de overeenkomst.

Deze beslissing tot schorsing zal enkel van toepassing zijn voor de periode van tijdelijke werkloosheid van de betrokken aangeslotenen wegens overmacht of wegens economische redenen in het kader van de crisis van het coronavirus COVID-19 die zich voordoet na 30 september 2020.

Als de inrichter van een pensioentoezegging beslist om deze te schorsen, blijft de overlijdensdekking echter behouden tot 31 maart 2021, zoals ze bestond op de dag voor de situatie van tijdelijke werkloosheid wegens overmacht of wegens economische redenen in het kader van de crisis van het coronavirus COVID-19, voor zover de aangeslotene in tijdelijke werkloosheid is wegens overmacht of wegens economische redenen in het kader van de crisis van het coronavirus COVID-19 tot die datum. In voorkomend geval kan de inrichter een uitstel van betaling van bijdragen genieten onder dezelfde voorwaarden.

De werkgever (of de organisator) die gebruik maakt van de mogelijkheid van schorsing, brengt de betrokken aangeslotenen via om het even welk communicatiemiddel naar zijn keuze op de hoogte van zijn beslissing om de toezegging te schorsen en van de gevolgen van deze beslissing voor de dekkingen bij leven en bij overlijden van de aangeslotene.

Wat betreft de werkgever (of de organisator) bij wie de eerste situatie van tijdelijke werkloosheid wegens overmacht of wegens economische redenen in het kader van de crisis van het coronavirus COVID-19 optreedt na 30 september 2020, kan de mededeling van zijn eventuele beslissing tot weigering van de uitzonderlijke maatregelen, ook plaatsvinden binnen 30 dagen na de ontvangst van de mededeling van de verzekeringsmaatschappij.

Bron: Wet van 7 mei 2020 houdende uitzonderlijke maatregelen in het kader van de COVID-19-pandemie inzake pensioenen, aanvullende pensioenen en andere aanvullende voordelen inzake sociale zekerheid, BS 18 mei 2020. Programmawet (1) van 20 december 2020, BS 30 december 2020.