01 Sectoraal akkoord 2003 - 2004

Paritair (sub-)Comité nr.:
202.00.00-00.00

Bijwerking: 30/07/2004
Geldig vanaf: 01/04/2003
Geldig tot: 31/03/2005

Op 5 juni 2003 werd een collectieve arbeidsovereenkomst gesloten houdende het sectoraal akkoord 2003-2004 : dit voorstel van akkoord is van toepassing op de werkgevers en de werknemers uit de Paritaire Comités voor de bedienden uit de kleinhandel in voedingswaren (PC 202), voor de grote kleinhandelszaken (PC 311) en voor de warenhuizen (PC 312).

 

Wij geven u hierna de integrale tekst van deze CAO.

 

Verschillende delen van dit nationaal akkoord maken wellicht nog het voorwerp uit van afzonderlijke CAO’s. In ieder geval behandelen wij de verschillende onderwerpen systematisch in het daartoe voorziene hoofdstuk.

 

 

Sectorakkoord 2003 - 2004 van 5 juni 2003

HOOFDSTUK I - Toepassingsgebied

Het voorstel van akkoord is van toepassing op de werkgevers en de werknemers uit de Paritaire Comités voor de bedienden uit de kleinhandel in voedingswaren (PC 202), voor de grote kleinhandelszaken (PC 311) en voor de warenhuizen (PC 312).

HOOFDSTUK II - Koopkracht

Vanaf 1 januari 2004 zullen de minimumloonschalen evenals de werkelijk betaalde lonen verhoogd worden met 24 EUR bruto per maand. Aan de deeltijdse werknemers zal dit voordeel naar verhouding tot hun prestaties toegekend worden.

Tijdelijke afwijkingen: Deze loonsverhogingen zijn niet van toepassing op de ondernemingen in moeilijkheden die hiertoe op ondernemingsniveau een CAO sluiten en dit zolang de onderneming in moeilijkheden is.

HOOFDSTUK III - Tijdskrediet

De collectieve arbeidsovereenkomsten inzake tijdskrediet, gesloten in de drie paritaire comités vermeld in punt 1, worden verlengd voor de duur van dit akkoord.

HOOFDSTUK IV - Conventioneel brugpensioen

De minimumleeftijd voor het conventioneel brugpensioen na ontslag, zoals voorzien in CAO nr. 17, wordt verlaagd tot 58 jaar tot 31 december 2005.

Voor de werknemers die genieten van een vermindering van de arbeidsprestaties tot een halftijdse betrekking en die overstappen in het stelsel van brugpensioen, wordt de aanvullende vergoeding berekend op basis van het brutomaandloon dat de werknemer zou verdienen indien hij zijn arbeidsprestaties niet zou verminderd hebben en de werkloosheidsuitkeringen overeenstemmend met het arbeidsregime in voege voor de aanvang van het tijdskrediet.

HOOFDSTUK V - Risicogroepen

De huidige toeslagen betaald door de Sociale Fondsen aan de werknemers van 50 jaar en ouder, die hun arbeidsprestaties verminderd hebben tot een halftijdse betrekking, worden behouden gedurende de duur van het akkoord.

De bijdragen van de werkgevers aan de Sociale Fondsen worden verhoogd of verlaagd om te voldoen aan de daaruit voortvloeiende verplichtingen

Dit betekent voor de Paritaire Comités 202 en 312 een verhoging van 0,25 % naar 0,30 %.

Voor Paritair Comité 311 betekent dit een verlaging van 0,20 % naar 0,15 %, waarbij de tussenkomst van het Sociaal Fonds voor beroepsopleidingen komt te vervallen.

HOOFDSTUK VI - Opvang van slachtoffers van een hold-up

Er wordt aanbevolen om een professionele opvang te voorzien voor de slachtoffers van een hold-up.

HOOFDSTUK VII - Besprekingen op bedrijfsniveau

7.1.   Op bedrijfsniveau kan binnen het hiernavolgende kader een aanvraag ingediend worden voor onderhandelingen die uitsluitend betrekking kunnen hebben op de hierna bepaalde punten:

a)    De omzetting van de verhogingen van de minimumloonschalen en van de werkelijk betaalde lonen met 24 EUR bruto per maand, zoals voorzien in punt 2 van dit akkoord, in evenwaardige financiële voordelen (vb. vervoerskosten), waarvan de kost in geen geval hoger mag zijn dan deze van de bedoelde loonsverhoging.

b)    De aanpassing van het percentage van de werknemers met recht op tijdskrediet, voorzien in artikel 15 §1 van CAO nr. 77bis, en aangepast door de verschillende sectorovereenkomsten.

c)    De mogelijkheid voor de werknemers van 50 jaar of ouder, die genieten van een vermindering van arbeidsprestaties tot een halftijdse betrekking, deze prestaties te spreiden over drie dagen per week.

d)    Het recht op herziening van de arbeidsovereenkomst van de deeltijdse werknemers in toepassing van CAO 35, met immunisering van de maanden juli, augustus en december.

e)    De toekenning van een individueel recht voor de deeltijdse werknemers met een arbeidsovereenkomst voor onbepaalde duur van 18 uur per week (PC 311 en 312) of 20 uur per week (PC 202), die hiervoor een schriftelijke aanvraag doen, tot verhoging van de overeengekomen arbeidsduur tot respectievelijk 20 en 22 uur per week in een variabel uurrooster en dit op basis van een lagere anciënniteit in de onderneming dan deze vereist door de sectorale CAO's.

f)      De uitbreiding van de mogelijkheid voor de werkgever om deeltijdse arbeidsovereenkomsten te sluiten (of ze aan te passen), waarvan de wekelijkse arbeidsduur lager ligt dan 1/3 van een voltijdse betrekking.

g)    De toepassing van de aanbeveling, vermeld in punt 6 van dit akkoord, kan besproken worden in de Comités voor preventie en bescherming op het werk.

7.2.   Omtrent andere punten dan deze vermeld in dit akkoord, zijn besprekingen mogelijk op ondernemings­niveau indien beide partijen akkoord zijn.

HOOFDSTUK VIII - Sociale stabiliteit

De partijen verbinden zich ertoe de sociale dialoog te verbeteren en correcte sociale relaties te onderhouden.

Een kalender met maandelijkse vergaderingen zal voorzien worden in het paritair comité voor eventuele verzoening van geschillen.

De procedure voor verzoening bij sociale conflicten en voor de stakingsaanzeggingen zal aangepast worden en vervangen door deze voorzien in PC 202.

HOOFDSTUK IX - Syndicale premie

Vanaf het jaar 2004 wordt de syndicale premie vastgesteld op 123 EUR, na goedkeuring in de Raden van Bestuur van de Sociale Fondsen, van een procedure, die een externe controle voorziet door een bedrijfsrevisor.

HOOFDSTUK X - Syndicale vorming

Voor 2004 wordt het bedrag van de tussenkomst voor de syndicale vorming verhoogd met 4 % ten opzichte van de bedragen voorzien in de begroting voor 2003.

HOOFDSTUK XI - Geldigheidsduur

Dit akkoord treedt in werking op 1 april 2003 en houdt op van kracht te zijn op 31 maart 2005.

HOOFDSTUK XII - Omzetting

Dit voorstel van akkoord zal omgezet worden in een definitief sectorakkoord onder de vorm van een collectieve arbeidsovereenkomst en in aangepaste specifieke collectieve arbeidsovereenkomsten.

HOOFDSTUK XIII -  Verlenging van de collectieve arbeidsovereenkomsten van bepaalde duur

De collectieve arbeidsovereenkomsten van bepaalde duur, gesloten op het vlak van de sector en van de bedrijven, worden verlengd voor de duur van dit akkoord.

HOOFDSTUK XIV - Sociale vrede

De werknemers en werkgevers verbinden zich ertoe de sociale vrede te bewaren in de ondernemingen en dit voor de gehele duur van het akkoord en geen enkele andere eis meer in te dienen op sectorniveau. Op ondernemingsniveau zullen geen andere eisen ingediend worden dan deze toegelaten op basis van punt 7 van dit akkoord. De onderhandelingen hierover moeten beëindigd worden vóór 31 oktober 2003, behalve verlenging mits formeel akkoord van beide partijen.

 

 


Historiek
01/07/2021 30/06/2023 01 Sectoraal akkoord 2021-2022
01/07/2019 30/06/2021 01 Sectoraal akkoord 2019-2020
01/07/2017 30/06/2019 01 Sectoraal akkoord 2017-2018
01/07/2015 30/06/2017 01 Sectoraal akkoord 2015-2016
01/12/2013 30/06/2015 01 Sectoraal akkoord 2013-2014
01/07/2011 30/06/2013 01 Sectoraal akkoord 2011-2012
01/04/2009 30/06/2011 01 Sectoraal akkoord 2009-2010
01/04/2007 31/03/2009 01 Sectoraal akkoord 2007-2008
01/04/2007 31/03/2009 01 Sectoraal akkoord 2007 - 2008
01/04/2003 31/03/2005 01 Sectoraal akkoord 2003-2004
01/04/2003 31/03/2005 01 Sectoraal akkoord 2003 - 2004