Het overbruggingsrecht in 2021

Van 

Om zelfstandigen te ondersteunen van wie de activiteit gevolgen ondervindt van de gezondheidscrisis heeft de regering beslist om het overbruggingsrecht in 2021 te verlengen.


Vind hier alle nieuwigheden.

Zelfstandigen die werden gedwongen om hun zelfstandige activiteit te onderbreken wegens een federale, gewestelijke, provinciale of gemeentebeslissing: dubbel overbruggingsrecht (van toepassing van  01/01/2021 tot 30/06/2021)

De regering heeft beslist om de toekenning van het dubbele overbruggingsrecht te verlengen.

Zelfstandigen getroffen door de maatregelen inzake gedwongen onderbreking en zelfstandigen die afhangen van verplicht gesloten sectoren en hun zelfstandige activiteit volledig stopzetten, kunnen het dubbele overbruggingsrecht aanvragen.

Zelfstandigen die afhangen van verplicht gesloten sectoren en hun zelfstandige activiteit gedeeltelijk stopzetten kunnen gebruikmaken van het overbruggingsrecht op basis van een omzetdaling van minstens 40% (zie hierna).

Goed om te weten:
- Take-away en click&collect vormen geen belemmering voor de toekenning van het overbruggingsrecht. Uitoefening van een andere zelfstandige activiteit is daarentegen uitgesloten.
- De niet essentiële winkels die mogen openblijven en op afspraak werken kunnen geen aanspraken maken op een dubbel crisisoverbruggingsrecht voor de maanden maart en april. Dit in tegenstelling tot wat de Minister van Zelfstandigen aanvankelijk had gecommuniceerd. Zij worden beschouwd als “open”.  Als zij kunnen aantonen dat ze minstens 40% omzetverlies lijden door de coronamaatregelen, kunnen zij een beroep doen op een enkelvoudig crisisoverbruggingsrecht. Meer informatie hieromtrent vindt u wat lager op deze pagina.

Wie kan gebruikmaken van dit recht?

Volledige uitkering:

 

  • de zelfstandige in hoofdberoep (primostarter inbegrepen) en de meewerkende echtgenoot;  
  • de zelfstandige in bijberoep die voorlopige sociale bijdragen verschuldigd is die minstens gelijk zijn aan de minimumbijdragen voor zelfstandigen in hoofdberoep;
  • de zelfstandige in hoofdberoep gelijkgesteld met bijberoep (art. 37) die bijdragen verschuldigd is die minstens gelijk zijn aan de minimumbijdragen voor zelfstandigen in hoofdberoep;
  • de student-zelfstandige die bijdragen verschuldigd is die minstens gelijk zijn aan de minimumbijdragen voor zelfstandigen in hoofdberoep;
  • de zelfstandige na de pensioenleeftijd zonder pensioen die bijdragen verschuldigd is die minstens gelijk zijn aan de minimumbijdragen voor zelfstandigen in hoofdberoep.

Gedeeltelijke uitkering:

  • de zelfstandige in bijberoep die sociale bijdragen verschuldigd is op basis van een  referte-inkomen tussen 7.021,29 en 14.042,57 EUR;
  • de zelfstandige in hoofdberoep gelijkgesteld met bijberoep (art. 37) die sociale bijdragen verschuldigd is op basis van een referte-inkomen tussen 7.021,29 en 7.356,08 EUR;
  • de student-zelfstandige die sociale bijdragen verschuldigd is op basis van een  referte-inkomen tussen 7.021,29 en 14.042,57 EUR;
  • de actieve gepensioneerde zelfstandige die sociale bijdragen verschuldigd is op basis van een referte-inkomen dat hoger is dan 7.021,29 EUR.

Wat is het bedrag van de uitkering?

Als de zelfstandige zich bevindt in een bijdragecategorie die recht geeft op de volledige uitkering:

  • 2.583,38 EUR per maand (zonder gezinslast)
  •  3.228,20 EUR per maand (met gezinslast)

Als de zelfstandige zich bevindt in een bijdragecategorie die recht geeft op de gedeeltelijke uitkering:

  • Max 1.291,69 EUR per maand (zonder gezinslast)
  • Max 1.614,10 EUR per maand (met gezinslast)

Hoe de aanvraag indienen?

Voor elke kalendermaand moet een nieuwe aanvraag ingediend worden.

Hieronder vindt u de aanvraagformulieren:

Uw formulier moet per e-mail verstuurd worden naar infosvz@groups.be.

Een aanvraag dient ten laatste te worden ingediend tegen het einde van het tweede kwartaal, volgend op het kwartaal waarin de maand ligt waarvoor de aanvraag wordt ingediend.

De betalingen worden ten vroegste verricht in de kalendermaand die volgt op de maand waarop de aanvraag betrekking heeft.

Zelfstandigen die een omzetdaling van 40 % kunnen bewijzen (van toepassing van  01/01/2021 tot 30/06/2021)

Zelfstandigen die een omzetdaling van minstens 40 % kunnen bewijzen voor de maand die aan de aangevraagde maand voorafgaat ten opzichte van dezelfde maand in 2019 kunnen een aanvraag indienen ongeacht hun sector. Hun aanvraag moet samen verstuurd zijn met een verklaring op eer betreffende de omzetdaling en van bewijsstukken ter staving daarvan. Deze verklaring zal achteraf worden geverifieerd aan de hand van officiële BTW-gegevens.

Belangrijk: om van het overbruggingsrecht te genieten, moet de betrokkene, naast de omzetdaling van 40%, minstens 4 kwartalen volledig betaald hebben in een referteperiode van 16 kwartalen (kwartaal van de maand van aanvraag en de 15 kwartalen die eraan voorafgaan).Het gaat hier over cumulatieve voorwaarden.
Zelfstandigen die minder dan 13 kwartalen verzekeringsplichtig zijn, moeten minstens 2 kwartalen volledig betaald hebben.

Goed om te weten:  
Een inkomen wegens arbeidsongeschiktheid, halftijds werk om medische redenen en het ontvangen van een rustpensioen vormen geen belemmering voor de toekenning van het overbruggingsrecht. De cumulatie van het overbruggingsrecht met een uitkering wegens arbeidsongeschiktheid mag het maximumbedrag van de uitkering overbruggingsrecht niet overschrijden.

Het niet vermelden van het vervangingsinkomen of het juiste bedrag daarvan kan leiden tot controle en terugvordering van het ten onrechte verkregen bedrag.

Het is verboden dit overbruggingsrecht te cumuleren met het dubbele overbruggingsrecht.

Wie kan gebruikmaken van dit recht?

Volledige uitkering:

  •  de zelfstandige in hoofdberoep (primostarter inbegrepen) en de meewerkende echtgenoot;  
  • de zelfstandige in bijberoep die voorlopige sociale bijdragen verschuldigd is die minstens gelijk zijn aan de minimumbijdragen voor zelfstandigen in hoofdberoep;
  •  de zelfstandige in hoofdberoep gelijkgesteld met bijberoep (art. 37) die bijdragen verschuldigd is die minstens gelijk zijn aan de minimumbijdragen voor zelfstandigen in hoofdberoep;
  • de student-zelfstandige die bijdragen verschuldigd is die minstens gelijk zijn aan de minimumbijdragen voor zelfstandigen in hoofdberoep;
  • de zelfstandige na de pensioenleeftijd zonder pensioen die bijdragen verschuldigd is die minstens gelijk zijn aan de minimumbijdragen voor zelfstandigen in hoofdberoep.

Gedeeltelijke uitkering:

  • de zelfstandige in bijberoep die sociale bijdragen verschuldigd is op basis van een referte-inkomen tussen 7.021,29 en 14.042,57 EUR;
  • de zelfstandige in hoofdberoep gelijkgesteld met bijberoep (art. 37) die sociale bijdragen verschuldigd is op basis van een referte-inkomen tussen 7.021,29 en 7.356,08 EUR;
  • de student-zelfstandige die sociale bijdragen verschuldigd is op basis van een referte-inkomen tussen 7.021,29 en 14.042,57 EUR;
  • de actieve gepensioneerde zelfstandige die sociale bijdragen verschuldigd is op basis van een referte-inkomen dat hoger is dan 7.021,29 EUR.

Wat is het bedrag van de uitkering?

Als de zelfstandige zich bevindt in een bijdragecategorie die recht geeft op de volledige uitkering:

  • 1.291,69 EUR per maand (zonder gezinslast)
  • 1.614,10 EUR per maand (met gezinslast)

Als de zelfstandige zich bevindt in een bijdragecategorie die recht geeft op de gedeeltelijke uitkering:

  • Max 645,85 EUR per maand (zonder gezinslast)
  • Max 807,05 EUR per maand (met gezinslast)

 

Gelieve nota te nemen dat deze tijdelijke crisismaatregel geen onderdeel "behoud van de sociale rechten" omvat.

Hoe de aanvraag indienen?

Voor elke kalendermaand moet een nieuwe aanvraag ingediend worden.

Hieronder vindt u de aanvraagformulieren:

Uw formulier moet per e-mail verstuurd worden naar infosvz@groups.be.

Een aanvraag dient ten laatste te worden ingediend tegen het einde van het tweede kwartaal, volgend op het kwartaal waarin de maand ligt waarvoor de aanvraag wordt ingediend.

De betalingen worden ten vroegste verricht in de kalendermaand die volgt op de maand waarop de aanvraag betrekking heeft.

Zelfstandigen die hun activiteit onderbreken wegens quarantaine of zorg voor een kind (van toepassing van  01/01/2021 tot 30/06/2021)

Dit type overbruggingsrecht beoogt de volgende gevallen:

  •  onderbreking als gevolg van quarantaine (onderbreking van minimum 7 opeenvolgende kalenderdagen) - een attest van quarantaine is vereist op naam van de zelfstandige of op naam van een persoon die op hetzelfde adres woont
  • onderbreking om te zorgen voor een kind jonger dan 18 jaar die samenwoont in de volgende gevallen (onderbreking van minimum 7 - niet noodzakelijk opeenvolgende - kalenderdagen in dezelfde maand):
    • kind in quarantaine
    • volledig of gedeeltelijk gesloten kinderdagverblijf, klas of school
    •  kind dat afstandsonderwijs moet volgen
  • onderbreking om te zorgen voor een gehandicapt kind (onderbreking van minimum 7 - niet noodzakelijk opeenvolgende - kalenderdagen in hetzelfde maand).

De zelfstandigen moeten samen met hun aanvraag een attest van het kinderdagverblijf, van de school of het centrum voor opvang van gehandicapte personen overhandigen, dat de sluiting of het verplicht volgen van onderwijs op afstand bevestigt als gevolg van een maatregel om de verspreiding van het COVID-19-coronavirus te beperken.

Goed om te weten:
- De zelfstandige moet zijn activiteit effectief en volledig onderbroken hebben.
- Als de zelfstandige  arbeidsongeschikt erkend is, kan hem geen overbruggingsrecht worden toegekend en moet hij contact opnemen met zijn mutualiteit.
- Een halftijds werk om medische redenen vormt geen belemmering voor de toekenning van het overbruggingsrecht. De cumulatie van het overbruggingsrecht met een uitkering wegens arbeidsongeschiktheid mag het maximumbedrag van de uitkering overbruggingsrecht niet overschrijden.
- Het niet vermelden van het vervangingsinkomen of het juiste bedrag daarvan kan leiden tot controle en terugvordering van het ten onrechte verkregen bedrag.
- Een zelfstandige die van thuis uit kan werken, kan geen aanspraak maken op het  overbruggingsrecht
- Een zelfstandige die zich willens en wetens heeft begeven naar een land of gebied dat op het tijdstip van zijn vertrek in een rode zone is gelegen, kan geen aanspraak maken op het  overbruggingsrecht.
- De zelfstandige moet zijn onderbreking omstandig motiveren.

Wie kan gebruikmaken van dit recht?

Volledige uitkering:

  • de zelfstandige in hoofdberoep (primostarter inbegrepen) en de meewerkende echtgenoot;  
  • de zelfstandige in bijberoep die voorlopige sociale bijdragen verschuldigd is die minstens gelijk zijn aan de minimumbijdragen voor zelfstandigen in hoofdberoep;
  • de zelfstandige in hoofdberoep gelijkgesteld met bijberoep (art. 37) die bijdragen verschuldigd is die minstens gelijk zijn aan de minimumbijdragen voor zelfstandigen in hoofdberoep;
  • de student-zelfstandige die bijdragen verschuldigd is die minstens gelijk zijn aan de minimumbijdragen voor zelfstandigen in hoofdberoep;
  •  de zelfstandige na de pensioenleeftijd zonder pensioen die bijdragen verschuldigd is die minstens gelijk zijn aan de minimumbijdragen voor zelfstandigen in hoofdberoep.

Gedeeltelijke uitkering:

  •  de zelfstandige in bijberoep die sociale bijdragen verschuldigd is op basis van een   referte-inkomen tussen 7.021,29 en 14.042,57 EUR;
  • de zelfstandige in hoofdberoep gelijkgesteld met bijberoep (art. 37) die sociale bijdragen verschuldigd is op basis van een referte-inkomen tussen 7.021,29 en 7.356,08 EUR;
  • de student-zelfstandige die sociale bijdragen verschuldigd is op basis van een referte-inkomen tussen 7.021,29 en 14.042,57 EUR;
  • de actieve gepensioneerde zelfstandige die sociale bijdragen verschuldigd is op basis van een referte-inkomen dat hoger is dan 7.021,29 EUR.

Wat is het bedrag van de uitkering?

Als de zelfstandige zich bevindt in een bijdragecategorie die recht geeft op de volledige uitkering:

Duur van de onderbreking

Met gezinslast

Zonder gezinslast

28 dagen of meer

1.614,10 euro

1.291,69 euro

21 tot 27 dagen

1.210,58 euro

968,77 euro

14 tot 20 dagen

807,05 euro

645,84 euro

7 tot 13 dagen

403,53 euro

322,92 euro

 

Als de zelfstandige zich bevindt in een bijdragecategorie die recht geeft op de gedeeltelijke uitkering:

Duur van de onderbreking

Met gezinslast

Zonder gezinslast

28 dagen of meer

807,05 euro

645,84 euro

21 tot 27 dagen

605,29 euro

484,39 euro

14 tot 20 dagen

403,53 euro

322,92 euro

7 tot 13 dagen

201,76 euro

161,46 euro

Minder dan 7 dagen 

0 euro

0 euro

Gelieve nota te nemen dat deze tijdelijke crisismaatregel geen onderdeel "behoud van de sociale rechten" omvat.

Hoe de aanvraag indienen?

Een nieuwe aanvraag moet ingediend worden voor elke onderbrekingsperiode.

Gelieve het formulier overbruggingsrecht - quarantaine 2021  in te vullen en ons per e-mail terug te bezorgen op het adres infosvz@groups.be.

Een aanvraag dient ten laatste te worden ingediend tegen het einde van het tweede kwartaal, volgend op het kwartaal waarin de maand ligt waarvoor de aanvraag wordt ingediend.

De betalingen worden ten vroegste verricht in de kalendermaand die volgt op de maand waarop de aanvraag betrekking heeft.

De fiscale behandeling van de overbruggingsrechtuitkeringen

Financiële uitkeringen die in het kader van de tijdelijke crisismaatregelen overbruggingsrecht in 2020 worden toegekend, zullen uiteindelijk niet in aanmerking worden genomen bij de vaststelling van de grondslag voor de sociale bijdragen van de begunstigden ervan.

Wij zullen de betrokken zelfstandigen, naar gelang van het geval, hetzij een fiscale fiche 281.50, hetzij een fiscale fiche 281.18 toezenden. Deze kan ook worden gedownload van het eLoket.

Alleen zelfstandige natuurlijke personen die van het overbruggingsrecht (gedwongen onderbreking of vrijwillige onderbreking) hebben genoten, ontvangen fiscale fiche 281.50. De andere zelfstandigen zullen fiscale fiche 281.18 ontvangen.